Chander Newalsing – verslag artist in residence bij Alyakha Art Centre (Yokiwa, West Papua)

foto: Chander Newalsing

Geluid vertelt vaak verhalen die niet altijd zichtbaar zijn. Vanuit deze gedachte vertrok ik afgelopen mei naar West Papua voor een artist-in-residence bij Alyakha Art Centre, gelegen aan het Sentanimeer. Deze residentie werd mede mogelijk gemaakt dankzij een bijdrage van het Amarte Fonds.

 

Als etnomusicoloog en geluidskunstenaar onderzoek ik hoe geluid inzicht kan geven in de relatie tussen identiteit, cultuur en natuur. Met mijn eigen wortels in Suriname, India en Nederland richt ik mij op de impact van het Nederlands koloniaal verleden op gemarginaliseerde lokale gemeenschappen, en de doorwerking daarvan in het heden. Eerlijk gezegd voelde ik een lichte schaamte toen ik pas door de documentaire The Promise écht achter het verhaal van deze regio kwam. Maar de film liet me niet meer los; het plantte een zaadje waardoor ik zeker wist dat ik er zelf heen moest gaan, om dit zaadje vanuit mijn eigen werkveld bij anderen verder door te geven.

 

Tijdens deze residentie wilde ik niet enkel geluiden verzamelen, maar vooral luisteren naar (en mét) de mensen die verbonden zijn met de plekken. Dit zijn stemmen die niet altijd de ruimte krijgen om gehoord te worden. Gedurende vijf weken werkte ik samen met lokale kunstenaars en gemeenschappen rond Jayapura, het Sentani-meer, de Baliem Vallei, het Arfakgebergte en Biak.

 

Alyakha Art Centre, opgericht in 2019 door Irma Awoitauw en Markus Rumbino, is een enorm bijzondere organisatie. Vanuit de basis stimuleren zij jongeren om hun identiteit en culturele achtergrond te onderzoeken door middel van kunst. Sinds 2019 organiseert Alyakha Art Centre residencies en festivals, waaronder The Khayouw (2019), Romiyae Phuklah (2023), Baku Konek (2024), Wali No (2025) en Khombouw (2026).

 

Door de jaren heen heeft Alyakha gerenommeerde Papoease kunstenaars zoals Dicky Takndare, Alberto Wanma, Agus Ohee en Agus Ongge uitgenodigd om als mentors te fungeren en samen met de jonge leden van het collectief Sanggar Nafas Danau Sentani (Adem van het Sentanimeer) in het dorp Yokiwa kunst te creëren. De programma’s zijn niet alleen gericht op het ontwikkelen van de artistieke vaardigheden, maar juist ook op het onderzoeken en versterken van hun culturele identiteit.

 

De droom van Irma en Markus is om Alyakha te laten uitgroeien tot een groot centrum voor ontwikkeling en behoud van culturele kennis. Door een levend archief van beeldende kunst en muziek te onderhouden, willen ze de identiteit van de regio versterken en tegelijkertijd economische kansen vergroten voor lokale kunstenaars in heel West Papua.

 

Tijdens mijn verblijf werd duidelijk hoe belangrijk hun rol is. Voor veel jongeren uit de omgeving zijn Irma en Markus niet alleen kunstenaars en mentors, maar ook een familie. Toen ik vroeg of ze zelf kinderen wilden, antwoordden ze lachend: “We hebben momenteel al kinderen genoeg”.

 

Deze sterke betrokkenheid merkte ik tijdens de residentie. Toen we het veld in gingen om opnames te maken, kwamen er altijd kinderen en jongeren mee. Ze waren nieuwsgierig naar de apparatuur en wilden graag onderdeel zijn van het proces. Een van hen kreeg mijn camera om mee te filmen, terwijl een ander de microfoon van Markus mocht gebruiken. Ze stonden overal voor open en waren zichtbaar enthousiast om te ontdekken. Na de opnames zaten we gezamenlijk aan tafel, en luisterden we naar de geluiden die we tijdens het ochtendgloren hadden opgenomen. Samen met de oude generatie van het dorp, lukte het altijd om de verschillende vogelsoorten te identificeren aan de hand van de namen in de Sentani-taal. Voor mij werd opnieuw duidelijk dat een project niet alleen draait om het uiteindelijke resultaat, maar juist om het proces zelf, en alle ervaringen en mensen die onderweg onderdeel worden van de reis.

 

Een belangrijke ervaring vond plaats tijdens ons nachtelijke verblijf in het heilige bos nabij het Sentani-meer, dat door de lokale gemeenschap Rhuna wordt genoemd. Deze plek heeft een diepe spirituele betekenis, en was vroeger, voor de missionaire activiteiten, de plek waar veel rituelen plaatsvonden. Tegelijkertijd wordt dit gebied steeds meer beïnvloed door activiteiten zoals goudwinning en houtkap. Een van de kinderen die met ons meegingen vertelde dat hij het bos nauwelijks meer herkende. Sinds zijn vorige bezoek was al een groot deel verdwenen.

 

Tijdens deze ervaring zijn we op zoek gegaan naar het geluid van de cendrawasih, die een belangrijke culturele betekenis heeft als symbool van Ondoafi, de traditionele leider van de gemeenschap. Vanuit mijn eigen achtergrond probeerde ik een zo “schone” mogelijke opname te maken, zonder storende achtergrondgeluiden. De anderen dachten daar anders over. Zij benadrukten juist dat het geluid van het laagvliegende vliegtuig dat over het bos heen vloog onderdeel was van de realiteit van vandaag.

 

Een week later bevonden we ons rond vijf uur ’s ochtends rond een mijnbouwlocatie in een ander belangrijk bos, door de lokale gemeenschap Hanggau genoemd. We maakten opnames van de manier waarop het landschap reageert op de aanwezigheid van mens en extractieve activiteiten. Terwijl de zon langzaam opkwam, hoorden we hoe de machines zich vermengden met de geluidscompositie van het bos. Het was een confronterende ervaring. De verandering van het landschap is letterlijk hoorbaar.

 

Hetzelfde bos kan verschillende betekenissen dragen voor verschillende mensen: voor de bewoner een plek van spiritualiteit of dagelijks leven, maar voor de ander kan het een plek waar economische belangen samenkomen. Een geluid krijgt meer betekenis wanneer de context erachter wordt begrepen.

 

Al deze ervaringen veranderden mijn manier van werken en vormden de basis voor een groter project: Living Forest. Deze aankomende geluidsinstallatie brengt nieuwe veldopnames, gemaakt in volledige samenwerking met lokale kunstenaars, samen met historische archiefmaterialen uit de jaren zestig. Het werk onderzoekt hoe eenzelfde bos verschillende perspectieven kan dragen, en hoe deze verhalen samenkomen in één omgeving.

 

Samen met Markus reisde ik tijdens de residentie ook af naar de hooglanden van de Baliemvallei. Daar ervaarde ik hoe het luisteren naar de natuur, zoals de roep van de Alikine-cicade die een heel dorp stil kan krijgen, onlosmakelijk verweven is met het dagelijks leven. De tijd in de hooglanden liet een diepe indruk achter en veranderde mijn manier van luisteren. Het daagde me uit om niet vanuit mijn eigen perspectief te luisteren, maar vanuit de beleving van de gemeenschap zelf. Lees hier het uitgebreide verslag op Substack.

 

Ik zou een boekenreeks kunnen schrijven over mijn ervaringen na ruim een maand in West Papua. Het is moeilijk om een periode met zoveel contrasten samen te vatten in enkele woorden. Ik heb de overweldigende schoonheid van de natuur ervaren, evenals de warmte van de mensen die ik ontmoette. Tegelijkertijd heb ik ook ervaren hoe het voelt om voortdurend bewust te zijn van controle en onzekerheid, en niet altijd te weten wie je volledig kunt vertrouwen.

 

De meest confronterende realisatie was dat ík uiteindelijk weer naar huis zal gaan. Voor de mensen die ik ontmoette ís het hun thuis, met alle uitdagingen en onzekerheden die daarbij horen. Deze ervaring heeft niet alleen mijn manier van werken als kunstenaar en onderzoeker veranderd, maar heeft mij ook bewuster gemaakt van de verantwoordelijkheid die komt kijken bij het vertellen van verhalen die niet van mij zijn. Het is een ervaring die ik niet snel zal loslaten en ongetwijfeld zal blijven doorwerken in mijn toekomstige werk. En wie weet, misschien ben ik wel sneller terug dan gedacht.

Deel dit artikel