Paradijsvogels in West Papua bedreigd
Stella Roos Peters zag het met eigen ogen in de bergen van de Vogelkop in West Papua: de sierlijke baltsdans van de Arfakparotia, een zeldzame paradijsvogel. In stilte keek ze toe hoe het mannetje sprong, pronkte met zijn iriserende borstveren en een open plek op de bosgrond had vrijgemaakt voor zijn voorstelling. Maar deze indrukwekkende ontmoeting staat in schril contrast met de realiteit waarin deze vogels steeds zeldzamer worden.
Kwetsbare schoonheid
Volgens vogelgids Zeth Wonggor, dorpshoofd van Syoubri en vaste gids voor ornithologen, is het aantal paradijsvogels in het gebied drastisch afgenomen. Van de zeven soorten die ooit in de regio voorkwamen, is er nog maar één over. Ontbossing, jacht en illegale handel hebben hun leefgebied ernstig aangetast. De uitbreiding van de palmolie-industrie versnelt deze achteruitgang. Grote delen bos verdwijnen, dieren raken verdreven en ecosystemen raken uit balans.
Oorzaken van de achteruitgang
Een deel van de illegale handel in paradijsvogels vindt volgens lokale bronnen plaats via Indonesische militairen, die de dieren verhandelen als bijverdienste. Omdat West Papua grotendeels is afgesloten voor journalisten en kampt met een langdurig conflict, komt dit slechts mondjesmaat naar buiten. Ceremoniële jacht op paradijsvogels, voor het maken van traditionele kleding, is bij wet toegestaan en vormt geen bedreiging voor de soort.
Toerisme: kans en hoop
Vogeltoerisme biedt hoop. Het dorp Syoubri, waar Zeth actief is, heeft hiervan geprofiteerd dankzij samenwerking met de Stichting Duurzame Samenleving Papua Barat (SDSP). Jonge mensen worden opgeleid tot vogelgids, wat werk oplevert en bijdraagt aan natuurbehoud.
Zeth Wonggor speelt een cruciale rol als bruggenbouwer tussen dorpen en als pleitbezorger voor natuurbescherming. Door jongeren op te leiden en gesprekken tussen gemeenschappen te stimuleren, werkt hij aan een toekomst waarin paradijsvogels kunnen blijven bestaan. Zijn inzet draagt bij aan een andere manier van denken over natuur: niet als iets om te exploiteren, maar als iets om samen voor te zorgen.