Speciale Autonomiewet: meer controle, minder zeggenschap

In 2001 werd door de Indonesische regering de Speciale Autonomiewet (Otonomi Khusus, Otsus) ingevoerd voor West Papua. Deze wet moest tegemoetkomen aan de wens van de Papoea bevolking om meer zeggenschap te krijgen over hun eigen bestuur, onderwijs, zorg en economie. De wet was bedoeld als een vorm van herstel en erkenning, na een lange periode van centralistische besluitvorming en spanningen over landrechten en culturele identiteit.

Verlenging zonder brede instemming

In juni 2022 besloot de Indonesische overheid om de wet te verlengen. Die verlenging leidde tot verdeeldheid. Waar de centrale regering sprak over verbeteringen en doorontwikkeling, uitten lokale vertegenwoordigers, maatschappelijke organisaties en de Papoea Volksvergadering (Majelis Rakyat Papua, MRP) hun zorgen. 

De wettelijk verplichte raadpleging van de MRP bleef uit, en volgens critici is de wet nu eerder een instrument geworden voor centralisatie dan voor decentralisatie. Een breed gedragen burgerinitiatief, Petisi Rakyat Papua (PRP), wist ruim 700.000 handtekeningen te verzamelen van mensen die zich uitspraken tegen de verlenging zonder voorafgaand overleg. Volgens de MRP weerspiegelt dit verzet een dieperliggende behoefte aan inspraak en erkenning.

Bos Merauke | afbeelding: Pusaka
Bos Merauke | afbeelding: Pusaka

Nieuwe provincies, nieuwe uitdagingen

Een pijnlijk onderdeel van de wet is de herindeling van het gebied: West Papua gaat van twee naar zes provincies. Volgens de overheid zou dit de regio ten goede komen, maar veel Papoea’s zien een andere agenda: méér bestuurlijke controle van Jakarta en meer greep op de natuurlijke rijkdommen, terwijl de lokale bevolking er nauwelijks van profiteert. Slechts een klein percentage van de winst uit grondstoffen en grootschalige projecten vloeit terug naar de regio zelf.

Traditionele gronden onder druk

De nieuwe provinciegrenzen doorkruisen traditionele gronden van Inheemse gemeenschappen. Het Indonesisch Constitutioneel Hof heeft eerder bepaald dat deze zogeheten adat-gronden geen staatsbezit zijn en dat aankoop van land alleen met vrije, voorafgaande en geïnformeerde instemming is toegestaan. Door onduidelijkheid over de nieuwe grenzen ontstaat het risico dat deze bescherming verwatert. Hierdoor kunnen bedrijven en overheden gemakkelijker land claimen zonder toestemming van de Inheemse bewoners.

 

Uit onderzoek van Greenpeace en Pusaka blijkt dat tal van nationale en internationale bedrijven zich op illegale wijze grond toe-eigenen in West Papua, de rechten van Inheemse volken schenden, en het tropisch regenwoud vernietigen voor de aanleg van palmolieplantages of het delven van mineralen. De gevolgen zijn ingrijpend: verlies van leefgebied, aantasting van cultuur, en grootschalige vernietiging van het tropisch regenwoud.

 

Duidelijk is dat de Speciale Autonomiewet niet de belofte van meer zeggenschap voor de Papoea’s heeft vervuld. De wet is een instrument voor een ‘verdeel en heers’ strategie met alle negatieve gevolgen van dien.

Deel dit artikel